dinsdag 2 december 2008

Week 4: Leesvragen

Juul, J. Games Telling Stories? Hoofdstuk 14, pp. 219-226

In de eerst zin van de tekst wordt een vraag gesteld: Do Games Tell Stories?

Hoe denken jullie hier zelf over?

Mul, J. de The game of Life. Hoofdstuk 16, pp.251-226.

In de conclusie staat: […]Our humanity is closely linked to the gift of narration and play. Being in principle programmable by the player, computer games can help and even inspire us to disclose new worlds and dimensions of the self[…] (p 263). Hiertegenover wordt Plato gezet die geschreven heeft over de slecht invloed die artiesten hebben op hun publiek. Wanneer games met kunst worden vergeleken kan er gesteld worden dat de programmeur de artiest is, de game het kunstwerk en de speler de toeschouwer. Dit is meteen het punt waar dan over gestruikeld zou worden en wat mijn vraag hierbij is:

Kan de gamer gezien worden als publiek/toeschouwer wanneer hij actief bezig is met games?

Murray, J. (2005) The Last Word on Ludology v Narratology in Game Studies

Hoe valt tetris te definieren in termen van de narratalogie?

Jenkins, H. (2004) Game Design as Narrative Architecture.

Jenkins heeft het over allerlei games die, dan wel niet, verhalen vertellen. Mijn vraag die ik hierbij wil stellen is:

Verteld een game een verhaal, of is het een voorgeprogrammeerde omgeving?

Kadervraag:

Eigenlijk bij het lezen van alle teksten en mijn vragen komt hetzelfde naar voren:

Zijn games verhalen vertellers? En hoe wordt deze vraag beantwoord wanneer er gekeken wordt naar non-lineaire games?

Geen opmerkingen: